Inloggen

Vraag en antwoord


Behandeling
Verf
Alkydhars ondergrond
Moet je een alkydhars ondergrond na een goede voorbewerking gronden met een watergedragen primer of mag je meteen met een watergedragen aflak gaan overschilderen?

Grondverf wordt over het algemeen aangebracht ter verbetering van de hechting. Hechting is een van de belangrijkste eigenschappen van verf. Laat een verflaag los, dan kan deze zijn functie niet meer vervullen. Watergedragen verven hechten bij een normale voorbehandeling op gangbare ondergronden over het algemeen prima tot zeer goed. In veel gevallen, zoals bij een alkydhars ondergrond, is een primer niet noodzakelijk. Pas aangebrachte watergedragen verflagen zijn wat betreft hechting echter wel kritisch en zijn vooral gevoelig voor vocht en lage temperaturen. Een te lage verwerkingstemperatuur, lager dan 5ºC, heeft consequenties voor de uiteindelijke filmvorming. Soms is die onvoldoende filmvorming zichtbaar in de droge verffilm in de vorm van vermindering vanglans, barstvorming of craquele en poedervorming. Ernstiger is het wanneer de nadelige eigenschappen van de verflaag niet direct herkend worden. De gevolgen van een minder goede hechting hoeven namelijk niet altijd direct zichtbaar te zijn. Naast de temperatuur is ook de relatieve luchtvochtigheid van belang voor de filmvorming van watergedragen verven. Bij een relatieve vochtigheid zal het water niet of nauwelijks verdampen. Bij een vertraagde verdamping van het water kan het verfbolletje zo hard geworden zijn dat de samenvloeiing en hechting onvoldoende wordt. Wanneer watergedragen verven na drogen snel met vocht worden belast, is de hechting nat vaak slecht. Vooral wanneer dit binnen een week wordt beoordeeld. Vocht wordt in een verse verflaag nog gemakkelijk opgenomen en kan zelfs bij bevriezing leiden tot barstvorming en onthechting van de verflagen. Bij watergedragen muurverven is dit ook een bekend verschijnsel. Toch is de eigenschap hechting van watergedragen verven over het algemeen minstens zo goed als traditionele alkydharsverven. Het is ook belangrijk hier bij de voorbehandeling de nodige aandacht aan te besteden. Het opruwen van de ondergrond is belangrijk om hiermee het hechtingsoppervlak te vergroten. Vooral watergedragen verven zijn in dit opzicht kritisch. Hier is het belangrijk dat de ondergrond zowel wordt enge ruwd als gereinigd. Goed schoonmaken en grondig schuren zijn de basis voor een duurzaam resultaat.
Afplakken
Sinds het gebruik van watergedragen acrylaatdispersies binnen hebben we problemen met afplakken. Het plakband wordt week en krult aan de zijkant enigszins om waardoor het plakband moeilijk te verwijderen is en het werk minder strak is. Wat is hiervan de oorzaak en hoe los ik dit op?

Dat afplakband bij gebruik van acrylaatdispersieverven, in tegenstelling tot bij gebruik van alkydharsverven, kan omkrullen en moeilijker te verwijderen is, vindt zijn oorzaak in de vochtgevoeligheid van het afplakband en de aantasting van de lijm. Bij de bereiding van acrylaatdipersie grond- en lakverven worden verschillende hulpstoffen en weekmakers toegevoegd. Samen met de weekmakers migreren deze enigszins agressieve stoffen in de lijm van het afplakband met als gevolg dat de randen van het afplakband kunnen omkrullen en het moeilijk te verwijderen is. Fabrikanten van afplakband hebben hierop ingespeeld. Zo leveren specialisten op het gebied van afplakband (3M en Woodfield) afplakband dat vochtbestendiger is en waarvan de lijm niet gemakkelijk wordt aangetast. Dit afplakband kan zonder problemen gebruikt worden bij de verwerking van watergedragen verven. De tape krult niet om en is, omdat de lijm niet wordt aangetast en minder kleefkracht heeft, gemakkelijk te verwijderen, ook na een langere periode.
Watergedragen acrylaatdispersies
Sinds het gebruik van water¬gedragen acrylaatdispersies binnen hebben we proble¬men met afplakken. Het plakband wordt week en krult aan de zijkant enigszins om waardoor het plakband moeilijk te verwijderen is en het werk minder strak is. Wat is hiervan de oorzaak en hoe los ik dit op?

Dat afplakband bij gebruik van acrylaatdispersieverven, in tegenstelling tot bij gebruik van alkydharsverven, kan omkrullen en moeilijker te verwijderen is, vindt zijn oorzaak in de vochtge¬voeligheid van het afplakband en de aantasting van de lijm. Bij de bereiding van acrylaatdipersie grond- en lakverven worden ver¬schillende hulpstoffen en week¬makers toegevoegd. Samen met de weekmakers migreren deze enigszins agressieve stoffen in de lijm van het afplakband met als gevolg dat de randen van het afplakband kunnen omkrullen en het moeilijk te verwijderen is. Fabrikanten van afplakband heb¬ben hierop ingespeeld. Zo leve¬ren specialisten op het gebied van afplakband (3M en Wood¬field) afplakband dat vochtbe¬stendiger is en waarvan de lijm niet gemakkelijk wordt aange¬tast. Dit afplakband kan zonder problemen gebruikt worden bij de verwerking van watergedra¬gen verven. De tape krult niet om en is, omdat de lijm niet wordt aangetast en minder kleef¬kracht heeft, gemakkelijk te ver¬wijderen, ook na een langere periode.
Lijnolie verfverdunner
Kan gekookte lijnolie ook worden gebruikt als ver¬dunner voor gewone buitenverf? Nu gebruiken we het vooral om natuursteen op te poetsen. Wat is het effect wanneer lijnolie aan verf wordt toegevoegd, behalve datje de opentijd verlengt?

Lijnolie is een plantaardige olie, heldergeel tot geel¬bruin. De olie wordt gewonnen uit het zaad van de vlasplant. De chemische samenstelling van gekookte lijnolie verschilt van die van rauwe lijnolie, doordat metaalverbindingen in het oliemolecuul van gekookte lijnolie zijn opgenomen. Gekookte lijnolie droogt daarom sneller dan rauwe lijnolie. Gekookte lijnolie werd vroeger regelmatig aan grondverf en soms ook aan afschilderverven voor buiten toege¬voegd. Het is ook bekend voor de bereiding van pla¬muur en stopverf. Maar dit alles is geschiedenis. Er zal op het eerste gezicht weinig mis gaan wanneer een beetje lijnolie wordt toegevoegd aan een gewo¬ne moderne alkydhars verf. Zoals u al aangeeft zal de droogsnelheid iets afnemen. Verder is de kans op vergeling iets groter, maar in de praktijk van buiten¬werk hebben we daar weinig last meer van. Buiten, bij daglicht, vergeelt een verf immers niet. Verfleve¬ranciers zullen echter niet blij zijn met deze vorm van verdunning, omdat het product en daarmee de eigenschappen gewijzigd worden. Ook opdrachtge¬vers zijn daar niet mee gebaat. Van garantie kan dan immers geen sprake meer zijn. De verdunnende eigenschappen van lijnolie zijn overigens beperkt. Je hebt er dus meer van nodig dan wanneer verdund wordt met geëigend verdunningsmiddel, te weten terpentine. De buitenduurzaamheid van de verf zal vrijwel zeker afnemen. Het opnemen van vocht en het weer afstaan daarvan aan drogere lucht, dus beurtelings zwellen en krimpen, is één van de belangrijkste oorzaken van verval van olie- en olie¬verflagen. Toepassing van lijnolie in verf wordt daar¬om afgeraden.
Reiniging buitenpanelen Trespa
Met welke reinigingsmiddelen kunnen sterk vervuilde buitenpanelen van Trespa worden gereinigd?

Trespa wordt buitenshuis als onderhoudsvrij plaatmateriaal toegepast voor onder andere gevelbetimmering, puivulling en boeiboorden. Trespa is een plaat¬materiaal op basis van thermo¬hardende harsen, homogeen versterkt met houtvezels en vervaardigd onder hoge druk en temperatuur. Het oppervlak van het plaatmateriaal bestaat uit een EBC-uitgeharde (elektronen¬straling) urethaan-acrylaat coating. Het schoonmaken van Trespa plaatmateriaal kan gewoon met een neutraal reinigingsmiddel. Het komt voor dat na schoonmaken blijkt dat Trespa verkleurd is. Om esthetische redenen moet het dan worden geschilderd. Technisch is dat mogelijk, mits de ondergrond ontvet en grondig geschuurd is. Dat schuren kan met Scotch Brite. Ontvetten met een oplos¬middel. Oudere kwaliteiten Trespa hebben een melamine toplaag, waarop verfsystemen een afwijkend hechtgedrag kun¬nen vertonen. Daarom moet bij twijfel altijd een proefvlak wor¬den gemaakt om de hechting te controleren. Er zijn ook plaatma¬terialen die op Trespa lijken, maar die van een ander fabrikaat zijn en die qua samenstelling anders zijn. Ook om deze rede¬nen verdient het aanbeveling vooraf proeven uit te voeren. Bij schilderen met alkydharsverf moetje eerst gronden met een alkyd grondverf of nog liever met een grondverf voor kunst¬stof. Bij het schilderen van Trespa met polyurethaan kan het materiaal na voorbehandelen rechtstreeks hiermee worden behandeld.
Problemen bij afplakken
Sinds het gebruik van watergedragen acrylaatdispersies binnen hebben we steeds problemen met afplakken. De plakband wordt week en krult aan de zijkanten enigszins om waardoor de plakband moeilijk te verwijderen is en het werk minder strak is. Wat is hiervan de oorzaak en hoe is dit op te lossen?

Dat afplakband bij gebruik van acrylaatdispersieverven, in tegenstelling tot bij het gebruik van alkydharsverven, kan omkrullen en moeilijker te verwijderen is, vindt z'n oorzaak in de vochtgevoeligheid van de afplakband en de aantasting van de lijm. Bij de bereiding van acrylaatdispersie grond- en lakverven worden verschillende hulpstoffen, zoals coalescentiemiddelen en weekmakers toegevoegd. De coalescentiemiddelen, waarvoor bijvoorbeeld het in water mengbare glycolether kan worden gebruikt, dienen voor het beter aaneen sinteren van de polymeer- (bindmiddel) bolletjes. Samen met de weekmakers migreren deze enigszins agressieve stoffen in de lijm van het af plakband met als gevolg dat de randen van de afplakband kunnen omkrullen en dat de afplakband moeilijk te verwijderen is. Fabrikanten van afplakband hebben hierop ingespeeld. Zo leveren specialisten op het gebied van af plakband, zoals 3m en Woodfield, afplakband dat beter vochtbestendig is en waarvan de lijm niet gemakkelijk wordt aangetast. Deze afplakband, die wordt geleverd in de kleuren blauw en groen, kunnen zonder problemen gebruikt worden bij het werken met watergedragen acrylaatdispersies. Deze afplaktape krult niet om en is, omdat de lijm niet wordt aangetast en minder kleefkracht heeft, gemakkelijk te verwijderen. De groene afplakband kan zonder problemen een week blijven zitten en de blauwe zelfs een maand. Wel dient in alle situaties de afplakband voorzichtig en met zorg verwijderd te worden.
Vaststellen van hechting
Bij verschillende technische adviezen voor het uitvoeren van onderhoudsprojecten wordt in verband met de vastheid van de ondergrond en de hechting van de aanwezige verflagen, vaak verwezen naar de plakbandproef. Ook op de technische informatiebladen van verschillende afwerkingsproducten worden eisen gesteld aan de vastheid van de ondergrond of de hechting van aanwezige lagen. Ook dat moet soms met de plakbandproef worden vastgesteld. Hoe moetje te werk bij deze of andere testmethoden?

Voor het vaststellen van de vastheid van een ondergrond en de hechting van aanwezige verflagen zijn er verschillende mogelijkheden. De meest gemakkelijke en voor de hand liggende methode is door met de nagel van de duim of met een scherp voorwerp over de ondergrond te krassen. Hierdoor wordt al een aardige indruk verkregen van de vastheid van een ondergrond of de hechting van aanwezige verflagen. Verflaboratoria maken gebruik van genormaliseerde methoden en apparatuur om de hechting van verflagen te bepalen. In de praktijk kan men naast de krasmethode ook kiezen voor een nauwkeurigere en eventueel genormaliseerde vaststelling van de vastheid van ondergronden of hechting van aanwezige verflagen. Hiervoor kan de plakbandproef of de ruitjesproef worden toegepast. Voor het vaststellen van de vastheid van de' ondergrond waarop wandbekleding moet worden aangebracht, kan de plakbandproef goede diensten bewijzen. Deze proef, die echter niet is genormaliseerd, is vaak nodig om te voorkomen dat de wandbekleding op de onvoldoende vaste ondergrond los laat. Door een strook van ongeveer 20 cm lang crêpeplakband vast op de wand te drukken en deze vervolgens met een ruk te verwijderen, kan worden vastgesteld of de ondergrond vast genoeg is. Door de grote kracht die bij het aftrekken van het plakband ontstaat, zullen slecht hechtende pleister- en muurverflagen worden meegetrokken. In dat geval is het noodzakelijk om de ondergrond eerst deskundig onder handen te nemen en voor te behandelen.
Vochtopname voorkomen
Binnenshuis wordt waterdamp geproduceerd. Badkamer, douchecellen, vochtproducerende keukenapparatuur en ook de mens zelf zijn bekende vochtbronnen. Een deel van het vocht verdwijnt door het bouwmateriaal heen ook in naden, scheuren en openstaande verbindingen kan vocht in het hout dringen. Wat is de juiste werkwijze om vochtopname te voorkomen?

Alle gebreken in het timmerwerk, zoals openstaande verbindingen, scheuren en dergelijke herstellen. Aan de binnenzijde dient het beglazingssysteem volledig intact te zijn. Via een defecte kitnaad kan vochtintreding plaatsvinden in hoeveelheden die niet meer via het verfsysteem aan de buitenzijde kunnen ontwijken. De binnenkant moet worden afgewerkt met een verfsysteem dat een voldoende hoge waterdampremmende werking heeft. In het algemeen wordt een drielaags verfsysteem (vanuit nieuw hout) voldoende dicht geacht. Bij extreem grote laagdikte aan de buitenkant verdient het aanbeveling extra laagdikte binnen aan te brengen. Blaar- en bladdervorming en in een later stadium houtrot kunnen het gevolg zijn als aan bovengenoemde punten onvoldoende aandacht wordt besteed.
Soorten onderhoudsbeurten
De tijd dat hij een herschilderbeurt alle oude lagen per definitie verwijderd moesten worden, ligt inmiddels ver achter ons. Goed hechtende verflagen vormen een prima basis voor één of meerdere nieuwe lagen. Welke soort onderhoudsbeurten zijn er in grote lijnen te onderscheiden?

Totale beurt Helaas blijkt dan dat het aanwezige verfsysteem zo veel gebreken vertoont dat het totaal verwijderd moet worden. Er moeten dan twee keuzes gemaakt worden: - Hoe wordt het aanwezige verfsysteem verwijderd? De keuzemogelijkheden zijn talrijk: afbranden, föhnen, afbijten, stralen en schuren. - De tweede keus is die van het nieuw aan te brengen verfsysteem. Hier spelen duurzaamheid, milieubelasting een belangrijke rol. Je kunt bij het verfsysteem kiezen uit: alkyd, alkyd Silicon Based extra duurzaam, alkyd High Solid en watergedragen Acrylaatdispersie. Bijwerkbeurt niet tussentijdse controle- of bijwerkbeurt wordt de beoogde levensduur van het verfsysteem zeker gesteld. Tijdig inspecteren en herstellen voorkomt vervolgschade. Herschilderbeurt een herschilderheurt kan slechts uitgevoerd worden als het aanwezige verfsysteem voldoende hecht en behoudens afpoederen (krijten) weinig gebreken vertoont. Na het reinigen en schuren moetje dan de eventueel aanwezige gebreken herstellen en het geheel vervolgens met één laag verf afschilderen. Eis is dan, dat het kleurverschil tussen de nieuwe kleur en de, kleur van het oude verfsysteem niet te groot is. Grote gedeeltelijke totaal beurt hij geveltimmerwerk zijn de plaatsen die het meest kritisch zijn: de onderdorpel en de aansluitingen van stijlen op dorpels. Bovendorpels van kozijnen vertonen zelden gebreken. In de praktijk zal een totale beurt daarom in veel situaties slechts nodig zijn voor de onderdorpel en een stuk van de, stijlen. Voor de rest volstaat een herschilderbeurt. Tussen alles verwijderen en een herschilderbeurt is alles mogelijk. De kunst is om niet te veel , maar zeker niet te weinig werkzaamheden uit te voeren. Daarbij steeds rekening houdend niet de drie hoofdpunten: techniek (bescherming), esthetica (verfraaiing) en kosten.
Schimmel red cedar verwijderen
Een western red cedar poort is aangetast met zwarte vlekken. Deze is behandeld met een kleurloze primer omdat de kleur behouden moest blijven en er geen vergrijzing op mocht treden. Dit is gedaan voor de regen, maar na de regen zijn er nog steeds verschillende zwarte vlekjes te zien, het lijkt een soort uitgelopen zwarte verf. Hoewel deze vlekjes plaatse¬lijk voorkomen, bedekken ze toch ongeveer zeventig procent van de poort. Wat is dit en wat is eraan te doen om de zwarte,lekjes te verwijderen?

Zo te zien zijn het schimmels(sporen). Het advies ,erbij is: de kleurloze primer verwijderen, het kale hout behandelen met ontweringswater en middels een proefvlak beoordelen of dit voldoende is.
Aanbrengen van verflagen door kataforese
Binnenkort moet een aantal kleine stalen voorwerpen in kleur worden gelakt of gespoten. De stalen voorwerpen, die gebruikt zullen worden voor decoratieve versieringen op de wanden van een fabriekscomplex, zijn voorzien van een corrosiewerende grondlaag die kataforetisch is aangebracht. Hoe vindt het aanbrengen van verflagen door kataforese plaats? En moetje voor het afwerken van producten die door kataforese voorzien zijn van een grondlaag gebruik maken van speciale lakken?

Het kataforetisch aanbrengen van verflagen is een industriële vorm van lakverwerking. Het wordt toegepast in de automobielindustrie, vliegtuigbouw en vele andere industrieën. In de meeste gevallen maakt het kataforeseproces deel uit van een lakstraat inclusief het gehele voorbehandelingtraject. Dit kan betekenen dat vooral kleine stalen voorwerpen in grote hoeveelheden, al dan niet met een ingewikkelde vormgeving, vóór het kataforetisch lakken, volautomatisch in verschillende baden worden ontvet, enkele keren worden gespoeld en worden gefosfateerd. De grote hoeveelheden stalen voorwerpen kunnen voor dit automatische proces bijvoorbeeld in kooien door een transportinstallatie van bad naar bad worden verplaatst. Het lakken volgens het kataforeseproces is gebaseerd op het onderdompelen van de negatief geladen metalen werkstukken in een wateroplosbare laksuspensie. De lakdeeltjes in het bad zijn positief geladen. Onder invloed van een gelijkspanning zetten de lakdeeltjes zich gelijkmatig vast op de ondergedompelde voorwerpen. De lakafzetting op de negatief geladen werkstukken vindt plaats ten gevolge van een chemische omzetting van het bindmiddel. Deze omzetting wordt veroorzaakt door een elektrische spanningsvloed van een elektrode over het geleidende lakmedium naar het negatief geladen werkstuk toe. Na de lakafzetting worden de werkstukken geheel automatisch weer uit het bad gehaald en worden de overtollige lakdeeltjes met behulp van een spoelsysteem verwijderd. Tot slot wordt de aangebrachte laag, zoals bij andere lakmethoden, uitgehard in een moffeloven. Grote voordelen van het kataforetisch aanbrengen van verflagen zijn dat de laagdikte met knoppen kan worden geregeld, dat de laagdikte altijd gelijk is en dat ook binnenkanten en holle ruimten van de werkstukken van een gelijkmatige verflaag worden voorzien. Het overschilderen van werkstukken, voorwerpen die kataforetisch zijn gelakt, geeft, net als bij andere gemoffelde voorwerpen, weinig of geen problemen. Als door oppervlakkig schuren wordt gezorgd voor een goede hechting kunnen de meeste lakken daarop worden gebruikt. Het gebruik van producten die extra dichte lagen geven is aan te bevelen als extra bescherming tegen corrosievorming.
Lichte en donkere strepen
Op het plafond zijn allemaal lichte en donkere strepen zichtbaar. vermoedelijk zitten er onder het stukadoorswerk planken. Het stucwerk is ongeveer anderhalf jaar geleden tweemaal overgeschilderd met een muurverf op acrylbasis. Wat kan ik hieraan doen?

Vermoedelijk hebben de planken inhoudsstoffen die in water oplosbaar zijn. De inhoudsstoffen zijn uit het hout naar het oppervlak van de stuklaag en nogmaals bij het overschilderen met acryl naar het oppervlak gemigreerd. Hier tekent dit zich af als verkleuring, lichte en donkere strepen. Om dit probleem aan te pakken, is het raadzaam het oppervlak te isoleren. Hiervoor zijn traditionele, synthetische muurverven beschikbaar. Maar tegenwoordig zijn er ook watergedragen isolerende muurverven. Wij raden u aan een dergelijk product toe te passen. Soms is tweemaal behandelen noodzakelijk.
Loslatende muurverf
Wij moeten een aantal kamers schilderen. Nu zijn we bang dat wanneer we de plafonds gaan schilderen de oude lagen loskomen.' Kunnen wij dit eenvoudig oplossen door een latex muurverf te spuiten in plaats van te rollen?

Loslatende verf van plafonds heeft in veel gevallen te maken met eerdere toepassing van zogenaamde veegvaste muurvennen. Gewone muurverven hechten over het algemeen prima op allerlei ondergronden. Er zit in muurverf veel vulstof en pigment en deze dragen bij aan een goede fysische hechting. Daarom hoeft bij het aanbrengen van muurverf ook nooit te worden geschuurd. Wel moet een te schilderen oppervlak schoon, vetvrij en draagkrachtig zijn. De zuiging moet ook beperkt zijn. Wanneer een veegvaste muurverf, ook wel witkalk, is toegepast, is er een laag toegepast met zeer weinig tot geen bindmiddel. De hechting van deze producten is prima. De korrels pigment en vulstof zitten echter als los zand vast aan het oppervlak. Witkalk is overschilderbaar met hetzelfde product, maar is door zijn poederend karakter niet overschilderbaar met latex of een ander soort muurverf. Als dit toch wordt gedaan, dan is bladdervorming het gevolg. Oorzaak hiervan zijn spanningen die ontstaan bij het drogen van de muurverf. Het is het beste de bestaande laag of lagen zoveel mogelijk te verwijderen, bijvoorbeeld door nat maken en grondig afsponzen. Alle witkalk moet in ieder geval verwijderd zijn voordat overgeschilderd wordt. Vervolgens een laag fixeermiddel of muurgrond aanbrengen. Dit om restanten witkalk vast te zetten. Vervolgens afwerken met muurverf in de gewenste kleur. Zijn andere lagen toegepast dan witkalk en hechten deze lagen onvoldoende, dan geldt ook hier: onvoldoende lagen volledig verwijderen. Dit kan door schuren, borstelen, krabben of andere geschikte maatregelen. De gereinigde oppervlakken nawassen en goed laten drogen. Hierna zuigende ondergronden voorbehandelen met een impregneermiddel en aansluitend overschilderen.
Alkydhars ondergrond
Moet je een alkydhars ondergrond na een goede voorbewerking gronden met een watergedragen primer of mag je meteen met een watergedragen aflak gaan overschilderen?

Grondverf wordt over het algemeen aangebracht ter verbetering van de hechting. Hechting is één van de belangrijkste eigenschappen van verf. Laat een verflaag los, dan kan deze zijn functie niet meer vervullen. Watergedragen verven hechten bij een normale voorbehandeling op gangbare ondergronden over het algemeen prima tot zeer goed. In veel gevallen, zoals bij een alkydhars ondergrond, is een primer niet noodzakelijk. Pas aangebrachte watergedragen verflagen zijn wat betreft hechting echter wel kritisch en zijn vooral gevoelig voor vocht en lage temperaturen. Een te lage verwerkingstemperatuur, lager dan 5ºC, heeft consequenties voor de uiteindelijke filmvorming. Soms is die onvoldoende filmvorming zichtbaar in de droge verffilm in de vorm van vermindering vanglans, barstvorming of craquelé en poedervorming. Ernstiger is het wanneer de nadelige eigenschappen van de verflaag niet direct herkend worden. De gevolgen van een minder goede hechting hoeven namelijk niet altijd direct zichtbaar te zijn. Naast de temperatuur is ook de relatieve luchtvochtigheid van belang voor de filmvorming van watergedragen verven. Bij een relatieve vochtigheid zal het water niet of nauwelijks verdampen. Bij een vertraagde verdamping van het water kan het verfbolletje zo hard geworden zijn dat de samenvloeiing en hechting onvoldoende wordt. Wanneer watergedragen verven na drogen snel met vocht worden belast, is de hechting nat vaak slecht. Vooral wanneer dit binnen een week wordt beoordeeld. Vocht wordt in een verse verflaag nog gemakkelijk opgenomen en kan zelfs bij bevriezing leiden tot barstvorming en onthechting van de verflagen. Bij watergedragen muurverven is dit ook een bekend verschijnsel. Toch is de eigenschap hechting van watergedragen verven over het algemeen minstens zo goed als traditionele alkydharsverven. Het is ook belangrijk hier bij de voorbehandeling de nodige aandacht aan te besteden. Het opruwen van de ondergrond is belangrijk om hiermee het hechtingsoppervlak te vergroten. Vooral watergedragen verven zijn in dit opzicht kritisch. Hier is het belangrijk dat de ondergrond zowel wordt enge ruwd als gereinigd. Goed schoonmaken en grondig schuren zijn de basis voor een duurzaam resultaat.
Onregelmatig aangebrachte epocyvloercoating
Een aangebrachte watergedragen epoxyvloercoating droogt onregelmatig of slecht door. Tevens is er een kleurverschil in één gelijke charge. De natte monsters zijn identiek. Kan de onregelmatige droging te maken hebben met de ondergrond? Hierin zitten diverse reparatieplekken, uitgevoerd met minerale mortels en epoxymortels. Wel zijn dit reparaties die maanden oud zijn en bovendien zijn voorbehandeld met een primer om de zuiging op te heffen.

Op basis van de verstrekte informatie is het mogelijk' dat zowel de kleurverschillen als de beschreven problemen met de onregelmatige droging een gevolg zijn van het doorwerken nadat de potlife (verwerkingstijd) is overschreden. Bij het aanmaken en verwerken van watergedragen epoxyverven zijn zowel de inductietijd als de potlife van groot belang. Een aangemaakte tweecomponenten verf heeft een inductietijd. Vrij vertaald: de componenten moeten de gelegenheid hebben met elkaar te reageren. De inductietijd moet dus in acht genomen worden voordat het materiaal verwerkt wordt. Daarna krijgen we te maken met de potlife, de tijd waarbinnen het aangemaakte materiaal verwerkt mag worden. Bij watergedragen epoxy's schuilt hierin een extra risico. In tegenstelling tot vele andere epoxy's wordt het materiaal bij naderende overschrijding van de potlife niet dik en vrijwel onverwerkbaar. Het blijft dagen soms dagen dun vloeibaar en als substantie te verwerken. De verwerkingseigenschappen veranderen echter wel degelijk. Allerlei vormen van verstoring van het proces van droging en verharding treden op. Ook een kleuromslag is een bekend fenomeen en een indicator dat de potlife is overschreden. Kleurverschillen op plaatsen met niet zuigende reparaties bij toepassing van een drie lagen zijn niet waarschijnlijk, tenzij het een verschil in oppervlaktestructuur betreft.
Schilderen over een poedercoatingsysteem
Achtjaar geleden zijn de toestellen voor het gymnastieklokaal van een basisschool fabrieksmatig van een licht grijze poedercoating op basis van epoxy voorzien. De toestellen moeten nu in een rode kleur worden geschilderd. Het advies was een tweecomponenten epoxyverf toe te passen. Maar zijn er voor dit doel ook goede resultaten te bereiken met verfproducten die uit één component bestaan?

Bij het schilderen van toestellen van een gymnastieklokaal die zijn voorzien van een poedercoating, zijn drie eigenschappen belangrijk: de te gebruiken verfproducten moeten gemakkelijk aan te brengen zijn, ze moeten goed hechten en ze moeten stoot- en krasvast zijn. Een tweecomponenten epoxyverf hecht goed en is stoot- en krasvast, maar is niet aan te raden wanneer het een rode kleur betreft. Voor deze producten geldt dat ze niet 100 procent glans- en kleurvast zijn en dat is zeker bij een rode kleur een bezwaar. Ook bij applicatie kan een tweecomponentenproduct bij een dergelijke opdracht wel eens problemen geven. Wanneer de oude poedercoatinglaag grondig wordt gereinigd en degelijk wordt geschuurd, dan hechten ook alkydproducten uitstekend. Bovendien zijn deze producten glansen kleurvast en zijn ze gemakkelijk te verwerken. Deze producten zijn echter niet kras- en stootvast. Beter kan worden gekozen voor een polyurethaanverf. Deze producten drogen snel en zijn gemakkelijk te verwerken. Evenals de hiervoor genoemde producten hechten ze op de betreffende ondergrond na goede voorbehandeling uitstekend en zijn bovendien voldoende glans- en kleurvast. De meeste verfleveranciers hebben een dergelijk product in hun pakket.
Tweecomponentenverf van siermetselwerk verwijderen
Een decoratieve versiering uit metselwerk van een zijgevel van een theater moet worden verwijderd. De decoratieve versiering is negen jaar geleden aangebracht met tweecomponentenverfproducten. Welke mogelijkheden zijn er om de aanwezige coating te verwijderen zonder dat de ondergrond wordt beschadigd?

In het verleden is er al heel wat schade berokkend aan monumentale gebouwen, sculpturen en andere monumentale bouwwerken door het toepassen van verkeerde werkwijzen en/of materialen bij het verwijderen van vervuilingen zoals graffiti. Met straalapparatuur en grove straalmiddelen, zonder voldoende op de ondergrond te letten, werd de vervuiling vaak verwijderd. Inmiddels is er veel onderzoek gedaan naar werkwijzen waarbij steenachtige ondergronden niet worden aangetast bij het verwijderen van verontreinigingen of aanwezige coatings. In het verleden werd ook vaak geëxperimenteerd met het gebruik van chemicaliën en afbijtmiddelen. Maar dit geeft vaak een knoeiboel, is omslachtig en duur en levert vaak niet het gewenste resultaat. Een andere, ook wat oudere methode is het 'vlamstralen'. Deze werkwijze, waarbij gebruik wordt gemaakt van een gasmengsel van zuurstof en acetyleen, is ook wat omslachtig maar werkt doeltreffend. Door de hoge temperatuur en een groot vlamvermogen zijn coatings met vlamstralen gemakkelijk te verwijderen en wordt het metselwerk niet aangetast. De laatste jaren zijn er echter verschillende typen reinigingsapparatuur op de markt verschenen waarmee verontreinigingen zoals graffiti en coatings gemakkelijker en sneller verwijderd kunnen worden. Zo bracht Rottest Benelux uit het Brabantse Heusden de Hydro-Gom reini gingsunit op de markt. Zonder enige aantasting kunnen met deze apparatuur alle soorten vervuiling en coatings van steenachtige ondergronden worden verwijderd zonder dat de ondergrond wordt beschadigd. Deze innovatieve reinigingsapparatuur werkt volgens een techniek van spuiten met lucht en water onder lage druk waaraan een aangepast abrasief (straalmiddel) is toegevoegd. De units, die worden geleverd in twee uitvoeringen, de hydro-Gom HG60-400 voor grotere werken en de lichtere Hydro-Gom H25-300, zijn minder milieubelastend omdat er bij gebruik minimaal water en granulaat nodig is. Een andere innovatieve werkmethode om verontreinigen en coatings te verwijderen is het ijsstralen of C02 stralen. Het principe van het zogenaamde droogijsstralen berust op het onder druk, met behulp van een straalmachine, transporteren van koolzuurkorrels (rijstvormige ijskorrels) naar het te reinigen oppervlak. Doordat bij inslag de vaste koolzuurkorrels over gaan in gasvormige toestand, wordt het milieu met deze werkmethode gespaard omdat er geen sprake is van vervuild water of straalmiddelen.
Transparante beits met dekkend systeem
Kan ik problemen verwachten bij het schilderen van een transparante beits met een dekkend systeem?

Transparante beitsen bevatten weinig pigment en laten in zekere mate zonlicht door. Daardoor wordt het oppervlak op termijn aangetast door UV-straling. In de praktijk blijkt dat het hout op den duur verweert. Dit verweerde en verkleurde hout verliest zijn samenhang, omdat de lignine door UV-straling is aangetast. Het gevolg: de hechting van een bestaand transparant systeem is niet meer optimaal. Op het eerste gezicht ziet een transparant systeem er vaak nog goed uit, maar bij nader onderzoek blijkt de hechting onvoldoende om als basis voor verder onderhoud dienst te doen. Het is beslist noodzakelijk om de hechting nauwgezet te controleren (plakbandproef). Bij twijfel moeten alle transparante lagen verwijderd worden. Ook moetje het verweerde en verbleekte hout schuren tot op het gezonde hout. Indien je dit systeem niet volgt, is de kans groot dat het dekkende systeem blaarvorming en/of afbladderen gaat vertonen en dus onthecht vanaf het verweerde hout.
Zwarte strepen op vers schilderwerk
De kozijnen, deuren en ramen van een appartementencomplex zijn pas geleden ivoorkleurig geschilderd door een professioneel schildersbedrijf. Bij veel woningen zitten er allemaal donkere strepen op het schilderwerk, vooral aan de straatzijde. Hoe kan dit worden gereinigd worden en hoe kan worden voorkomen dat het opnieuw gebeurt?

Zwarte strepen op pas uitgevoerd schilderwerk komen regelmatig voor. Een verse verflaag, of het nu alkydharsverf is of acrylaatdispersieverf, is gevoelig voor vervuiling en het komt voor dat de ramen vuil zijn. Als de schilder pas geweest is, krijgt men na een regenbui vuile zwartgekleurde strepen in de verf. Om zwarte strepen te voorkomen, eerst de ramen lappen. Hierna opnieuw schilderen. Bestaande zwarte strepen kunnen helaas vaak niet meer worden verwijderd, omdat deze over het algemeen in de verf zijn getrokken. In de vraagbaak Zwarte strepen op vers schilderwerk van nr. 21-2004 werd als antwoord gegeven dat het niet mogelijk is zwarte strepen op schilderwerk te verwijderen. Dat is mijns inziens wel mogelijk. Fabrikant Micone te Tilburg (013-5711746) brengt Viamond 7040 KL op de markt. Dit is een sterk geconcentreerd reinigingsmiddel dat natriumhydroxide bevat. Het product moet onverdund worden aangebracht (tegenwoordig met handige spuitvernevelaar) en met spons of zachte doek worden afgenomen. Het schilderwerk of volkernplaten (ook aluminium ventilatielatten) zijn dan volledig ontdaan van zwarte strepen, ook als deze er al enkelen jaren zitten.
Goed schilderwerk op nat multiplex
Het verfsysteem op de multiplex boeidelen van een platdak heeft structurele verfschade in de vorm van bladders en soms forse verfblaren. Op de plaatsen met blaren was het multiplex zeer nat. Bij schrappen kwam soms water uit de verfblaren. Nabij een geventileerde dakopening van het ketelhuis was geen verfschade ontstaan op de boeidelen. De opdrachtgever schreef voor om het gehele verfsysteem te verwijderen en een nieuw verfsysteem in drie verflagen aan te brengen in een hoogglansverf afwerking. Na de winterperiode zijn weer flinke verfblaren en natmultiplex ontstaan. Wat is hiertegen te doen?

Door de goede waarnemingen en het duidelijke weergeven van deze details kan vrijwel zeker de oorzaak van de verfschade op de boeidelen worden beredeneerd. Platte daken worden als kouddak of warmdak uitgevoerd. Bij een kouddak wordt onder het dakhout/beschot geventileerd, door contact met de buitenlucht. Dat kan plaatsvinden via openingen in de tegenoverliggende wanden of met doorvoeren in het platte dak. Het dak blijft hierbij koud. De isolatie en dampremmende lagen worden hierbij in het plafond aangebracht. Bij een warmdak ligt het isolatiemateriaal óp het dak, zoals piepschuim (Roofmade) of polyurthanschuim of glas- en steenwol of foamglas (zwartgeschuimd glas). Indien een kouddak niet of nauwelijks wordt geventileerd, ontstaat condensatie (dauwpuntvorming). De warme lucht vanuit de, woning wordt niet goed afgevoerd en op de binnenzijde van het dak en ook op de binnenzijde van de multiplex boeidelen ontstaat condensatie. Doordat het multiplex constant met vocht wordt belast en hefvocht naar de koude buitenkant condenseert, kunnen verfblaren met vocht ontstaan. Deze bouwfysische fout leidt ook tot houtrot in het dak dat soms binnen vijf jaar bezwijkt.
Afrormosia hout transparant afwerken
Hoe kan de natuurlijke warme uitstraling van afrormosia hout behouden worden en hoe kan vergrijzing worden vermeden?

Het kernhout van Afrormosia is geelachtig bruin, nadonkerend tot bruin. Uiterlijk lijkt het hout enigszins op teak. Het spinthout is overigens geelwit. Afrormosia is zeer duurzaam (klasse 1) en heeft een geringe werking. Het hout kan goed blank gelakt of gebeitst worden. Gebruik bij voorkeur beits en het liefst beits met UV absorber. Om de twee jaar moet opnieuw worden gebeitst. Blank afwerken staat ook fraai. Dit kan bijvoorbeeld met blanke lak of bootlak. Elk jaar overlakken is in dat geval wel nodig. Gekookte lijnolie is ook een alternatief. In het na- en voorjaar met een brede slappe kwast het hout 'nat maken' is ruim voldoende. Zie ook ons product Textrol
Benzeen in verf?
Volgens het informatieblad van Alpha Topcoat van Sikkens bevat deze muurverf benzeen. Mag ik doorgaan met schilderen binnen? Ik ben medewerker technische dienst in een verpleeghuis. Dit is ook de plaats waar hiermee wordt gewerkt. Het is af te raden om met deze verf te werken als er daadwerkelijk benzeen in zit, zeker niet binnenshuis en zeker niet in een zorg- of ziekeninstelling. Benzeen is carcinogeen (kankerverwekkend). Benzeen, ofwel Benzol heeft als CASnummer 71-43-2 en staat op de lijst van kankerverwekkende stoffen. Echter, gezien het veiligheidsblad van Alpha Topcoat, dan is het niet zeker of er sprake is van benzeen. Er wordt geschreven over 2-methyl-pentaandiol benzene, waarbij het woord benzene op een volgende regel staat. Of de twee woorden los van elkaar staan, is niet duidelijk. Daarop heeft de fabrikant van deze verf zeker antwoord.

REACTIE AKZO NOBEL De redacteur heeft gelijk. Benzeen wordt al jaren niet meer in verfproducten toegepast. Het woord benzene hoort bij de tweede regel in het veiligheidsblad. De genoemde stof is een benzeenderivaat en is als zodanig niet te vergelijken met benzeen. Het is een externe weekmaker, die in zeer kleine hoeveelheid wordt toegepast. De plaatsing van het woord benzene is echter wel verwarrend.
Betonplex schilderen


Betonplex is geen normale ondergrond voor schilderwerk. Het materiaal wordt gebruikt voor het vervaardigen van bekistingen en delen die niet geschilderd hoeven worden, zoals bodems en wanden van aanhangwagens. Als deze ondergrond in bijzondere gevallen toch geschilderd moet worden, dan moet het materiaal - zoals meestal geldt - eerst worden schoongemaakt ( Kroonpart Total-Clean) en daarna grondig worden geschuurd. Is de ondergrond voldoende opgeruwd, dan moet een primer worden aangebracht. Bij voorkeur geen kunststof primer gebruiken, maar een universele tweecomponenten epoxy primer of een reactieprimer (Kroonpart PM1631). Hierna kan een acrylaat verfsysteem aangebracht worden of een alkydhars systeem. In dat laatste geval moet de epoxy eerst worden overgegrond met een alkyd grondverf. Wanneer het betonplex overigens is gebruikt als bekistingsmateriaal en er is lossingsmiddel aan het oppervlak van het materiaal aanwezig, dan is de ondergrond niet geschikt voor schilderwerk. Lossingsmiddel is lastig volledig te verwijderen.
Bij de hechting van watergedragen verven spelen mechanische en fysische hechtingsmechanismen een rol. De filmvorming en voorbehandeling zijn hierbij zeer belangrijk.


Bij de hechting van watergedragen verven spelen mechanische en fysische hechtingsmechanismen een rol. De filmvorming en voorbehandeling zijn hierbij zeer belangrijk. Als de filmvorming niet optimaal is, is de hechting op vrijwel elke ondergrond onvoldoende. Wanneer de bindmiddelbolletjes niet goed aaneen sinteren, is niet alleen de samenhang van de verflaag minder goed, ook de 'verkleving' aan de ondergrond is minder sterk. Deze situatie ontstaat bij een te lage verwerkingstemperatuur en/of een te hoge, relatieve luchtvochtigheid. Binnen zijn deze condities door ventilatie en verwarming redelijk goed te beïnvloeden en behoeven in het algemeen dus geen probleem te vormen. Buiten kan dit eerder tot onvoldoende resultaten leiden. Voorbereiding Bij binnenwerk is een goede hechting ook belangrijk. Bij onvoldoende voorbehandeling ontstaan bij gebruik snel mechanische beschadigingen. Goed ontvetten en grondig schuren is bij het gebruik van watergedragen verf daarom noodzakelijk. Door het goed schoonmaken en ontvetten van de ondergrond maak je meer actieve plaatsen ten behoeve van fysische interacties voor de hechting van verf vrij. Verder vindt er zo een betere verankering plaats. Beweringen dat watergedragen verven niet in een poreuze ondergrond (hout) dringen, zijn onjuist. Alkydhars - en watergedragen verf dringen bij normale viscositeit vrijwel evenveel in een houten ondergrond. Dekking De dekking van watergedragen verven wordt in de praktijk als minder goed beoordeeld. Dit heeft vooral te maken met het vastenstofgehalte van watergedragen verven. In theorie is de dekking van watergedragen verf overeenkomstig met die van alkydharsverf. In de praktijk echter niet. Bij het aanbrengen van een gelijke, natte laagdikte alkyd en watergedragen verf, blijft namelijk een verschillende laagdikte droog over. Het vastenstofgehalte van watergedragen verf is over het algemeen aanmerkelijk lager. Er moet dus nat veel meer aangebracht worden dan traditionele verf. Uitstrijken moet zoveel mogelijk worden vermeden. Niet alleen in verband met de dekking, maar ook om een goede vloeiing te verkrijgen. Het credo is: ruim opbrengen, verdelen, afstrijken en afblijven. Doorharding De eerste weken na aanbrengen is een watergedragen verf nog niet goed uitgehard. Dit betekent dat de verflaag nog kwetsbaar is. Na verloop van tijd neemt dit af. Blankelak Blanke, watergedragen lak heeft in de bus vaak een melkachtig uiterlijk. Als hiermee een houten ondergrond wordt gelakt, ziet men het melkachtige uiterlijk geleidelijk veranderen in een volkomen heldere en doorzichtige laag. Doorbloeden Bij het schilderen van kaal hout en plaatmateriaal met watergedragen verf komt doorbloeden nog gewoon voor. Inhoudsstoffen, meestal kleurstoffen, uit de ondergrond verplaatsen zich tijdens het droogproces van de ondergrond naar het oppervlak van de aangebrachte verflaag. Daar wordt dit zichtbaar door een bonte verkleuring. De ontwikkeling van een watergedragen, isolerende grondverf biedt hierin uitkomst. Prima resultaat Dat watergedragen verven blijven plakken, is onjuist. Door productverbetering hebben ze geen last meer van blocking. Blocking is het verschijnsel dat een verflaag onder invloed van druk gaat verweken. Dit is nadelig bij bijvoorbeeld het sluiten van ramen en deuren. Watergedragen verven die veel in contact staan met handen etc. worden wel week een kleverig. Dit is veelal te verhelpen/reinigen met glassex of een andere goede ruitenreiniger. De huidige watergedragen verven geven op dit gebied weinig problemen meer. Esthetisch hoeft een watergedragen verf tegenwoordig niet meer onder te doen voor een alkyd. Zelfs doe-het-zelvers kunnen hiermee een prima resultaat bereiken. Bij uitgevoerd werk zijn verschillen vrijwel niet waarneembaar.
Bij het behandelen van MDF komt het regelmatig voor dat de afwerklaag (alkydhars) trager droogt dan zoals voorgeschreven op de verpakking: 16 uur bij 20'C. Wat kan hiervan de oorzaak zijn?


Medium Density Fibeboard, kortweg MDF, bestaat uit houtvezels gebonden met kunsthars als bindmiddel. MDF is erg glad en vlak en goed te behandelen met de meest voorkomende lakken zoals alkydhars, polyurethaan en acrylaatdispersie lakken. Voor een goede afwerking moeten de laksystemen aan een paar voorwaarden voldoen. Denk maar aan goede elasticiteit en laag oplossend vermogen ten aanzien van de aanwezigheid van paraffine. Tijdens het fabricageproces wordt er aan de grondstof paraffine toegevoegd ter voorkoming van vochtopname in het plaatmateriaal. Komt deze paraffine in de afwerkinglaag, dan ontstaan er problemen als slechte hechting en drogingvertraging. Het advies ter voorkoming van dit probleem is: Ontvetten met een wasbenziene/thinner oplossing (1:1), wissel bij het ontvetten regelmatig van doek; Ondergrond schuren ter verbetering van de hechting; Na het gronden licht schuren met grofte 220 waarna de volgende laag aangebracht kan worden.
Bijkleuren effectlak
Een klein paneeltje aan een winkelpand moet worden geschilderd in de kleur van een kant en klaar kunststofplaat. Op zich niet zo'n probleem, alleen deze plaat heeft een soort aluminium effect. Het lijkt qua kleur wel wat op RAL 9006 (licht aluminium), maar het is duidelijk ietsje roder Is er een fabrikant die meer dan slechts enkele kleuren van dit soort effectlakken in het assortiment heeft? Na een poging om de lak wat met colorex bij te kleuren, drijft de kleurstof als het ware op.

Er zijn inmiddels heel wat fabrikanten die dit soort lakken in allerlei kleurvariaties voornamelijk voor binnentoepassing kunnen maken. Een veel praktischere oplossing is echter om zelf de lak wat bij te kleuren. Met name als het maar om een klein stukje gaat en een geringe kleurafwijking. Colorex is echter een universele mengpasta die geschikt is om zowel in oplosmiddelhoudende als in watergedragen lakken bij te voegen. Bij de mengpasta die gebruikt wordt in de kleurmengmachine voor deze verf, zal het probleem met opdrijven zich vermoedelijk niet voordoen. Let er wel op dat deze kleurenpasta's een veel hogere kleurkracht hebben dan een universele mengpasta. Kroonpart Verfservice maakt voor ook deze lakken op kleur.
Multonakleuren
Hier vindt u het document met alle multonakleuren:

Download hier het PDF-bestand met een overzicht van alle multonakleuren.